Vrijdagavond zat ik op Radio 1 in gesprek over de jaarwisseling. Met JA21-Tweede Kamerlid Ingrid Coenradie, tot voor kort staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Haar oplossing: zet het leger in.
Ik ben kennelijk te veel een kind van de rechtsstaat — en was door de redactie vooraf heel anders gebriefd — dus die zag ik even niet aankomen. En ik ben achteraf bezien veel te redelijk gebleven. Want eigenlijk had ik moeten ontploffen. Mede namens al die dienders die tijdens de afgelopen jaarwisseling vuurwerk hebben staan koppen. Ik zal uitleggen waarom.
Dat zowel Coenradies oude partij (de PVV) als haar huidige partij tegenstander waren van het door de politie zo vurig gewenste vuurwerkverbod, is nog het minste. Veel belangrijker is dit: we weten al lang dat mensen zich eerder aan regels houden wanneer zij de overheid als legitiem ervaren, vertrouwen. Het kabinet waar Coenradie deel van uitmaakte bracht het publiek vertrouwen echter naar het laagste punt sinds jaren. Datzelfde kabinet joeg het toch al grote maatschappelijke ongenoegen nog eens verder aan. Op de plekken waar ik zelf was, zag ik dat dit nadrukkelijk terug in de ongeregeldheden. Hans (J.C.J) Boutellier sprak zelfs van systeemhaat — een analyse waar ik me wel in kan vinden. En wie krijgt die, als meest vooruitgeschoven post van de overheid, in de jaarwisselingsnacht voor de kiezen? Juist: de politie.
Maar daar houdt het niet op. Coenradie’s kabinet deed ondertussen niets aan de steeds verdergaande uitholling van de lokale politie. Een politie die daardoor de verbinding met lokale gemeenschappen en doelgroepen steeds verder verliest. Wijkagenten zijn op papier misschien op sterkte, maar in de praktijk allerminst: zij worden structureel elders ingezet om gaten te vullen. Tegelijkertijd zijn zij door tekorten in de opleidingscapaciteit steeds minder toegerust voor hun cruciale werk. De algemene politieopleiding is fors verkort. Nieuwe dienders komen startbekwaam op straat, maar niet vakbekwaam. Zo kampt de politie niet alleen met kwantitatieve, maar ook met kwalitatieve tekorten. Terwijl het beheersen van de jaarwisseling topsport is — wat vraagt om een politie die zowel kwantitatief als kwalitatief op orde is.
En dan is de reactie nu dus niet: laten we deze problemen aanpakken. Nee, dan luidt de oplossing: zet het leger maar in. Dat doet het vast goed bij (een deel van) het electoraat, maar we raken er bij de jaarwisseling alleen maar verder mee van huis. En bovenal: je laat de politie er volledig mee in de steek.
Ik werd dan ook een stuk blijer van het stuk waarmee de Telegraaf dit weekend opende. Waarin politiechef Gert Veurink nadrukkelijk aandacht vraagt voor de politiecapaciteit. En burgemeester — en oud-politiechef Bert Wijbenga een lans breekt voor de drie P’s van Preventie, Pakkans en Poen. Dát zijn denkrichtingen die ons wél verder brengen. Tenminste… als we na deze (gebruikelijke) Drie Dwaze Dagen van Verontwaardiging en Krokodillentranen de tijd willen nemen om de bakens wérkelijk te verzetten. Daar ben ik eerlijk gezegd nog niet zeker van. Maar ik wens het al die handhavers en hulpverleners die het dit jaar zo voor de kiezen kregen van harte toe.
Dit bericht plaatste ik eerder op LinkedIn, om zo de discussie in de professionele en bestuurlijke gemeenschap te stimuleren.