20
sep

Merendeel publiek accepteert het gezag van de politie prima

Neemt het geweld tegen de politie nu werkelijk toe? Of is de discussie die de afgelopen weken oplaaide een reflectie van iets heel anders: de strijd tussen  werkvloer en politiebonden enerzijds en korpsleiding en minister anderzijds. Een korte analyse.

Het was een interessante mediastorm die de afgelopen weken oplaaide. Een agent wordt van achteren neergeslagen wanneer hij een luidruchtige trouwstoet aanspreekt. Beelden ervan gaan viraal op social media en veroorzaken opwinding in samenleving én politie. Politiebonden doen ons geloven dat geweld tegen de politie tot breed nationaal tijdverdrijf is verworden, waar de korpsleiding natuurlijk wéér geen oog voor heeft. De korpschef kiest de vlucht vooruit en maant ‘dit treuzelkabinet’ nu eindelijk eens met de taser over de brug te komen. Dat is kennelijk het middel tegen alle kwalen. De minister van Justitie en Veiligheid weet niet hoe snel hij zijn ondersteuning daarvoor moet uitspreken.

Het proces volgde keurig alle leerboekjes over moral panics. Er gebeurt een opvallend incident dat raakt aan al sluimerende zorgen in de samenleving. Emoties laaien op, nog eens te meer als onder de groep waar het om gaat al ander ongenoegen leeft. Moral entrepreneursstoken het vuurtje verder op, met media en politici in hun kielzog, elk met hun eigen agenda. Het bestuur ziet zich gedwongen maatregelen te nemen. Waarvan de geschiedenis tenslotte leert dat die meestal symbolisch en ineffectief zijn, maar wél schadelijke neveneffecten sorteren.

Gemangeld 

Dat de politie op dit moment niet lekker in haar vel zit is glashelder, zo laat ook de Reputatiemonitor zien. Politiemensen voelen zich door de reorganisatie gemangeld en door politiek, bestuur en korpsleiding in de steek gelaten. Tegelijk moeten ze het hoofd bieden aan uiteenlopende, deels heftige nieuwe bedreigingen (terrorisme, verharding van criminelen en hun aanwas, steeds verwarder personen, activisme). Ga er maar aanstaan.

Nu is de politie er meestal – terecht – als de kippen bij om de emoties te objectiveren wanneer er zo’n schok van onveiligheidsgevoel door de samenleving gaat. Maar nu het om haar eigen onveiligheidsgevoel gaat vindt de politie dat kennelijk lastig. De politie claimde begin dit jaar immers al bezorgd dat het geweld tegen politiemensen tijdens de jaarwisseling was verdubbeld. Uit haar haar eigen registraties bleek echter al snel dat van zo’n grote toename geen sprake was geweest. Waarop personeelsvertegenwoordigers zich haastten te zeggen dat de registraties ook niet klopten. Dat argument was snel vergeten toen de politiële geweldscijfers over 2018 verschenen. Die lieten nu wel degelijk een stijging zien. Tenminste, voor wie oppervlakkig keek. Wie wat preciezer keek zag immers dat het schelden of (verbaal) bedreigen van politiemensen weliswaar was toegenomen, maar dat datgene wat de gemiddelde Nederlander onder geweld verstaat (zoals mishandeling en andere vormen van fysiek geweld) juist was áfgenomen. Wie nóg preciezer keek zag dat de politie welgeteld een geval van fysiek geweld tegen de politie op elke duizend inwoners noteerde. Hoezo toename? Hoezo brede volkssport?

Gewoon luisteren

Gek genoeg wist de politie dat al uit recent wetenschappelijk onderzoek, dat ook nog eens op haar eigen verzoek was gedaan. Nog geen paar maanden geleden plofte immers het rapport van een onderzoek naar politiegezag de politiële burelen. Wat leerde dat onderzoek, op basis van langdurige observatie van de interactie tussen politie en burgers op straat? Dat het overgrote deel van de burgers het gezag van de politie prima accepteert, doet wat hen gezegd wordt, gewoon luistert. Slechts in een klein deel van de gevallen moet de politie haar gezag bevechten, vooral bij criminelen en verwarde personen. En daar hebben we nu juist de politie voor, zou je zeggen. Een paar jaar geleden kwam een vergelijkbaar onderzoek al tot vergelijkbare conclusies. Aanwijzingen dat het gezag was teruggelopen werden niet gevonden.

Het is bijzonder dat in de hele discussie van de afgelopen weken die preciezere kijk op de cijfers ontbrak. Net als dat wetenschappelijke onderzoek, dat eigenlijk tot eenzelfde slotsom kwam. Je zou bijna denken dat de resultaten niet zo uitkwamen. De discussie over de vermeende oplopende strijd tussen politie en burgers kan dan ook alleen goed worden begrepen daar een heel andere strijd bij te betrekken: die tussen werkvloer, politiebonden en korpsleiding of minister. Vertegenwoordigers van twee politiebonden vertelden in Jinek niet voor niets triomfantelijk ‘ze’ eindelijk met de rug tegen de muur te hebben. Met ‘ze’ bedoelden ze niet de agressieve burgers, maar korpschef en minister. Eindelijk gewonnen!

Aanblazen

Maar die overwinning van de bonden zou wel eens een Pyrrusoverwinning kunnen blijken. Want de kans is groot dat het aanblazen van alle opwinding vooral een selffulfilling prophecyheeft ontketend. We kunnen er immers op rekenen de komende tijd meer berichten over geweld in de media te zien, louter omdat de media er nu meer op focussen. We zullen ook zien dat politiemensen – om precies dezelfde reden – de komende tijd incidenten sneller registeren.

De getallen zullen dus oplopen, maar vooral doordat incidenten die eerder de moeite van het registreren niet waard waren nu wél worden meegeteld. Dat is allemaal nog cosmetisch en waait vanzelf wel weer over. Maar de kans is groot dat we nog een veel naarder effect zullen zien. Namelijk dat door het mechanisme van social proof het geweld ook in wérkelijkheid gaat toenemen. Want als ‘iedereen’ geweld tegen de politie gebruikt, waarom zou ik het dan niet doen? De politie heeft dus binnenkort misschien dan wel een taser, maar heeft zich daar bij voorbaat zélf mee in de voet geschoten.

Deze column schreef ik voor NRC’s Veiligheidscolumnm en werd daar gepubliceerd op 16 september 2019.  Zie  https://www.nrc.nl/nieuws/2019/09/17/merendeel-publiek-accepteert-het-gezag-van-de-politie-prima-a3973606